Duistere Danser, zwart als zwarte gal

laten we dansen op ons zwarte bal
je danst met elkeen en ze struikelen allen
zolang er maar geen woorden vallen
dan is een wals een dans, niet méér
dan doet een val misschien geen zeer
Duistere Danser, was ik maar als jij
dan was ik geen man, alleen stoïcijn
wij dansen de maat van de avond volrond
en je zegt tegen mij op de derde tel:
“nog nooit vond ik jou zo mooi
als op de dag van ons vaarwel.”